Het Epstein-Barr-virus is een van de sterkste risicofactoren voor de ontwikkeling van MS. Onduidelijk is nog waarom sommige mensen na een infectie met dit virus wel MS ontwikkelen en anderen niet. Een onderzoek onthulde werkingsmechanismen die mogelijk een link vormen tussen Epstein-Barr-virusinfectie en MS, met een hoofdrol voor natural killercellen.
Ontwikkeling van MS hangt samen met hoge antilichaamtiters tegen een kernantigeen van het Epstein-Barr-virus, EBNA-1. Waarschijnlijk is er sprake van moleculaire mimicry tussen een antigeen afgeleid van EBNA-1 (EBNA386-405) en het celadhesiemolecuul GlialCAM370-389. Dit kan leiden tot een kruisreactie. Maar, immuunreacties tegen EBNA386-405 komen ook voor in gezonde mensen, wat de vraag oproept van welke aanvullende beschermende of uitlokkende factoren sprake is.
In een systematisch opgezette studie werden MS-patiënten en gezonde controles gerekruteerd die seropositief waren voor EBV en bij wie ten tijde van de infectie bloedmonsters waren afgenomen. 270 patiënten voldeden aan dit criterium; zij werden gematcht met controles. Alle MS-patiënten hadden hoge antilichaamtiters tegen EBNA386-405. De gezonde controles werden opgesplitst in een groep met hoge antilichaamtiters (EBNAhoog, n=108) en met lage titers. Interessant was dat de MS-patiënten en de deelnemers in de EBNAhoog-groep vergelijkbare immuunreacties tegen GlialCAM370-389 hadden.
De onderzoekers zochten vervolgens naar verschillen tussen de MS-patiënten en mensen uit de EBNAhoog-groep op het gebied van immuunreacties, genetische variaties in de gastheer en in EBV- en humaan cytomegalovirusstammen (HCMV). Ze vonden in de EBNAhoog-groep, maar niet in MS-patiënten, verhogingen in 2 subgroepen van natural killer (NK)-cellen: NKG2C+ en NKG2D+. De toename van NKG2C+ hing af van een eerder doorgemaakte infectie met HCMV, meer specifiek met genetische variatie in een signaalpeptide dat de expressie reguleert van HLA-E. Verder hingen de toenames van NKG2C+ en NKG2D+ af van genetische variaties in de gastheer. De conclusie was dat verschillende virus- en gastheerspecifieke genetische variaties tot een ineffectieve onderdrukking kunnen leiden van EBV-gemedieerde auto-immuunreacties.
Bron